Analyse cassatie strafzaak Engel
Op 12 mei 2026 zal de Hoge Raad uitspraak doen in mijn eerste strafzaak (massa-aangifte).
Door Willem Engel; bron X
Het OM heeft eerder al laten weten dat het aangaande het oproepen tot een verboden demonstratie tot een nieuw inzicht is gekomen dat het vervolgen jaren na het voorval wellicht geen maatschappelijk belang dient (pressing social need). Hiervoor wil het OM dat de zaak opnieuw wordt behandeld in hoger beroep.
Aangaande het andere feit, de “infectie tweet”, blijft het OM wel volhouden dat het vervolgen in een ‘pressing social need’ voorziet. De valse stelling van het OM, waar de rechtbank niet en het hof wel in meeging, was dat de tweet zou hebben opgeroepen tot het infecteren van anderen.
Potsierlijk natuurlijk, het ging om de coronafeestjes en het behalen van een positieve test waarmee een herstelbewijs werd verkregen ten tijde van de QR-code (tweet was 16 nov. 2021).
Nog curieuzer is natuurlijk dat het hof oordeelde dat deze uiting strafbaar was, niet voor het aanzetten tot geweld of letsel of bedreiging, maar voor het aanzetten tot het overtreden van de coronamaatregelen zoals de anderhalve meter en het mondkapjesgebod. Los van het feit dat deze maatregelen nog steeds niet zijn bewezen (zowel noodzakelijkheid als effectiviteit), golden ze op het moment van de tweet niet. Deze waren namelijk eind september op nul gesteld om ruimte te maken voor de QR-code.
Het hof veroordeelde dus omdat ik zou hebben aangezet om maatregelen te overtreden die op dat moment niet wettelijk waren vastgesteld….
Het belangrijkste uit deze zaak is echter de samenwerking met de NCTV; zowel in eerste aanleg als in beroep heb ik hier op gehamerd. Dit werd stellig ontkend door de OvJ van dienst.
Omdat wij via Woo, AVG, WPG, WJSG en Kamervragen door zijn blijven peuteren, is er nu onomstotelijk bewijs van de samenzwering. Op paginanummer 11 van Bijlagen bij Woo-verzoek zien we duidelijk dat de e-mail aangaande de Kamervragen van Gideon van Meijeren over mijn arrestatie mede gericht zijn aan medewerkers van de NCTV. Toch ontkende de OvJ en later ook de AG dat er contact is geweest.
De realiteit:
In het PV PL1500-2022094258-1 wordt beschreven hoe de NCTV contact heeft opgenomen met het OM aangaande een uitzending van Willem Engel van 1 april 2022. In deze uitzending bespreek ik OvJ Wieger Veldhuis (hij was de OvJ van de zitting van 29 maart 2022). De arrestatie is dus wel degelijk met inmenging van de NCTV gebeurd.
Daarnaast was er ANPR (Automatic Number Plate Recognition) registratie/volgopdracht aangaande twee auto’s op naam van Willem Engel en/of Dorien Duinker. Deze missen in het BOB-dossier van Kodiak, maar de politie heeft dit mondeling bevestigd. Daarnaast wordt in PV PL1100-2022230752-1 melding gedaan van een verdachte situatie op basis van ANPR 77-GZ-KJ (W. Engel). Dit was kennelijk toen ik richting Café Weltschmerz reed, gezien A4 en N201.
De arrestatie van 3 april 2022 kwam tot stand door gebruik te maken van deze ANPR. Deze gegevens hadden toegevoegd moeten worden aan het strafdossier gezien artikel 126aa en 126bb SV.
Ik deed aangifte tegen de rechters van het hoger beroep, voornamelijk omdat ze logen in het vonnis dat alle relevante informatie was toegevoegd en dat het dossier compleet was. Deze aangifte deed ik nadat ik vaststelde in een inzagesessie op de Burg. Patijnlaan dat er in het dossier Haasbeek (de prikbus) inderdaad stukken ontbraken. Ik wist dat er iets ontbrak, maar niet precies wat het was. Het gaat om een 5de getuige die kennelijk is gehoord onder volgnummer 9 op donderdag 16 september om 15:45.
Overigens is de inhoud van de getuigenis gewist. Daarmee heeft het dezelfde contouren als de Maggiora-zaak.
In reactie op de aangifte die ik deed tegen de rechters, werd er vertrouwelijk tussen de OvJs besproken in PL1700-2025278741-3 op maandag 25 aug 2025 om 15:32:
“Wat te doen met W E? en kunnen we hem niet een verbod geven tot het doen van zulke aangiften”
Het zal jullie niet verbazen dat dit werd besproken met Marieke Vreugdenhil die al sinds juni 2020 deelnam aan een illegale surveillance op mij, en sinds oktober 2020 alle aangiftes die werden gedaan verzamelde.
PL2000-2020269112-3 20 oktober 2020
“Aangiftes tegen viruswaanzin/W.Engel worden landelijk verzameld door rech OvJ te Rotterdam (red Vreugdenhil) voor verdere actie.”
“BOSZ OM systeem, geen info BOSZ” (Betere Opsporing door Sturing op Zaken)
Wie denkt dat deze zaak niet door NCTV/OM werd gefabriceerd, negeert de feiten. Er moest wat worden gevonden, mensen werden opgehitst, aangezet tot belaging en bedreiging, de media kreeg vrij spel om haat te zaaien richting mij, allemaal onder het toeziend oog van het OM, in de hoop dat ik ergens mee over de schreef zou gaan.
In PL1500-2021360765-1 werd er melding gemaakt van een verdachte situatie :
op 7 december om 20:10 op het Rabbijn Maarsenplein
“Willem Engel met enkelen 2 uur rondliepen met een kaart plus aantekeningen”
Dit werd voorafgegaan door PL1500-2021060193-1
2 maart 2021 19:19
“Tarik Z (De gijzelnemer van het NOS gebouw, red.) code: CTER werd gezien met Willem Engel zijn ook in de registratie gekoppeld.”
De Dikkeboom-aangifte die niet organisch tot stand kwam (Dikkeboom werd ‘geholpen’) was een last resort. Tot dan toe waren alle aangiften tegen mij geseponeerd omdat er geen sprake was van strafbare feiten. Na de tweetdraad over de financiën van Kaag was de maat echter vol. Vreugdenhil nam contact op met Dikkeboom, waarop Dikkeboom een aanvullende aangifte deed van bedreiging van Kaag. De poging van aangifte van Kaag mislukte namelijk, omdat in PL1500-2022018308-1 te lezen viel: “Deze tweet maakt deel uit van een grote reeks bedreigingen” en “18 jan Kaag ziet af van aangifte”. Dit omdat het OM geen strafbaar feit zag.
Vreugdenhil liet het daar niet bij zitten. De bekendmaking in alle kranten op 21 januari 2022 over het strafrechtelijk onderzoek naar Engel werd vooraf gegaan door een Twitter-bericht van Dikkeboom op 20 januari 2022. Hij werd dus ingelicht door het OM en wilde de primeur claimen, en verraadde daarmee de intensieve coördinatie tussen hem en Vreugdenhil.
Weer terug naar het hoger beroep en cassatie. Het OM veranderde 6 van de 7 uitingen, waaronder ook de uiting aangaande de demonstratie (het middendeel werd er uit geknipt) en de infectietweet, waar het woord quote werd geknipt en leestekens werden verplaatst.
De oproep om bij Bruls koffie te drinken werd niet direct vervalst, maar de steunbewijzen werden wel degelijk bewerkt om op die manier mij aanzetten tot brandstichting in de schoenen te schuiven. Door alle informatie op te vragen aangaande de brandstichting bij Bruls, kwamen wij er achter dat dit helemaal niet is gebeurd. Hadden wij dat niet gedaan, dan was het OM niet op andere gedachten gekomen. Natuurlijk wilde het OM deze framing niet meer behandelen in de rechtszaal.
Wie deze informatie liever visueel tot zich neemt, ik zal een podcast over het geschrevene opnemen.
Vervolgbericht op X
Omdat we nu toch lekker bezig zijn, nog even de infectietweet.
Tijdens de eerste aanleg heb ik er meermaals op gewezen dat alle togadragers in het geheel niet bij machte zijn om de interpretatie van een medische aangelegenheid te duiden. Ik riep daarom meerdere expertgetuigen op. Deze werden afgewezen in eerste aanleg. Omdat in eerste aanleg de infectietweet niet tot een strafbaar feit leidde, heb ik het gelaten. In hoger beroep heb ik dat verzoek echter herhaald.
In beide zittingen ben ik er ook op ingegaan of infectie een actie is die je kan doen of dat het een stochastisch proces is.
Als je kijkt naar wat de wet hierover zegt:
Wet publieke gezondheid, artikel 1l en 1m
- besmetting: de aanwezigheid van een vector, reservoir, infectieus of giftig agens of infectieuze of giftige stof op of in een terrein, gebouw, goed of vervoermiddel, waardoor een volksgezondheidsrisico kan ontstaan;
- infectie: het binnendringen en de ontwikkeling of vermenigvuldiging van een infectieus agens in het lichaam van mensen, waardoor een volksgezondheidsrisico kan ontstaan;
dan is duidelijk dat besmetting en infectie niet hetzelfde zijn, waarbij opvalt dat besmetting steevast verkeerd wordt gebruikt door de staat en vele experts. Juridisch gezien is besmetting de aanwezigheid van een infectieus agens op levenloze objecten. Met enige elasticiteit kan hier een actie in worden gezien: door dat agens ergens aan te brengen, kan de kans op infectie in die ruimte vergroot worden. Op die manier zou je zelfs het hoesten op iemand als een poging tot besmetting kunnen zien. Een infectie echter is het binnendringen en daar vermenigvuldigen van het agens. Dit is duidelijk geen actie die een mens kan doen, je kan dus ook onmogelijk iemand anders infecteren.
Het Wetboek van Strafrecht kent dan ook geen feiten op basis van infecties, wel besmetting:
https://wetten.overheid.nl/BWBR0001854/2026-01-01, Artikel 161 quater en 161 quinquies, dit in de context van het besmetten met een radioactieve stof. Met wat verbeelding zou je het kunnen opvatten dat dat ook geldt voor andere ‘giftige’ stoffen.
Wellicht vervalste het OM daarom wel de uiting. In eerste aanleg zie je dat het woord QUOTE is weggehaald en dat de dubbele punt en de leestekens om de quote heen zijn weggehaald. Daarmee wilde het OM kennelijk het beeld scheppen dat ik op zoek was naar een boosterinfectie.
In hoger beroep is dit met de zoveelste wijziging van de tenlastelegging gecorrigeerd, maar daarmee is ook direct double jeopardy in het geding, omdat dezelfde uiting 2 x werd gepresenteerd op een net iets andere manier EN de strafbare feiten waartoe zou zijn opgeroepen anders zijn. Namelijk in eerste aanleg werd er nog bedreiging met zware mishandeling ten laste gelegd, maar in beroep werd er alleen overtreding van artikel 68bis van de WPG aangemerkt.
En daar zit nu de onmogelijkheid voor de Hoge Raad. Zoals de procureur generaal opmerkt:
“De coronamaatregelen die volgens het hof waren opgenomen in de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 en die het hof wel specifiek noemt – een mondkapjesplicht, de 1,5 metermaatregel en groepsbeheersing – golden volgens de steller van het middel in het algemeen, behoudens uitzonderingen, niet op het moment dat de verdachte het twitterbericht plaatste op 16 november 2021.”
en
“Het hof benoemt in zijn overwegingen weliswaar drie specifieke maatregelen – de mondkapjesplicht, het houden van 1,5 meter afstand en groepsbeheersing – maar doet dit, althans zo lees ik het arrest, slechts bij wijze van voorbeeld. De kern van het oordeel van het hof is dat de verdachte met zijn tweet in meer algemene zin heeft aangezet tot het negeren, en daarmee overtreden, van de ten tijde van de tweet geldende coronamaatregelen in den brede.”
Je leest het goed, waar menig criticus wordt vervolgd om zijn woordkeuze, vindt de PG dat de rechters het wellicht verkeerd opschreven, maar dat het gaat om wat ze ermee bedoelden. Het aanzetten tot overtreding van specifiek 1,5 meter, mondkapjesplicht en groepsbeheersing kon niet, want die maatregelen waren niet geldig op het moment van het uiten van de tweet op 16 november 2021, maar het moet in bredere context worden gezien. als een soort algemene oproep tot het overtreden van maatregelen die met corona te maken hadden. De anderhalve meter werd weer wettelijk op 23 nov. 2021 een week na 16 nov. 2021: Staatscourant 2021, 47815 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen
Dit is problematisch, juist voor de Hoge Raad, aangezien het bij de Hoge Raad expliciet moet worden gemaakt tot welk feit er is opgeruid.
De volledige zitting van het hoger beroep kun je op ons platform www.videowaarheid.nl bekijken.
