Licht op Laster
Enkele jaren geleden startte Britta Spreeuwenberg-Wartenberg, geboren en getogen in de voormalige DDR, in het Limburgse Meterik haar eigen centrum voor bewustwording en heling.
Zentire, een ontmoetingsplek waar iedereen welkom is met zijn of haar eigen(wijs)heid, visie of mening. Waar alles gedeeld en besproken mag worden en waar veiligheid, vertrouwen en verbinding de basis vormen.
Een warm bad in tijden van polarisering, stigmatisering en censuur.
Door drs. Mariëlle Van Heugten, psycholoog
Voor sommigen echter een doorn in het oog, zo bleek toen Britta op Derde Kerstdag 2024 werd verrast met regelrechte laster. In dagblad De Limburger werd Zentire in een kwaad daglicht gesteld vanwege een inhoudelijk verhaal van haar gasten.
Toen Britta vervolgens een reactie naar het dagblad stuurde, werd deze volledig genegeerd.
Tot drie keer toe. Geen hoor en wederhoor.
Jofele journalistiek.
Maar dat was nog niet alles.
Twee weken later werd Britta onverwacht bezocht door een politieambtenaar in functie, die opdracht had gekregen om Zentire te controleren. Wie de opdrachtgever was is tot dusverre een raadsel.
Verhuis je van de DDR naar het vrije Nederland….
Britta deelde haar ervaringen op Facebook:
https://www.facebook.com/share/p/16AMJGBbuK/
https://www.facebook.com/share/v/1EoYaWXCYJ/
Op dinsdag 11 februari sprak zij op de raadsavond in haar gemeente, Horst aan de Maas.
André Rozendaal, psycholoog en jurist, zette haar woorden op treffende wijze kracht bij.
Britta’s betoog:
“Beste burgemeester, geachte leden van de gemeenteraad, lieve mensen,
Allereerst wil ik u bedanken voor de mogelijkheid om hier mijn stem te laten horen. Helaas is dat niet overal meer vanzelfsprekend, en daarom waardeer ik dit des te meer.
Laat ik mijzelf voorstellen. Mijn naam is Britta Wartenberg, en 25 jaar geleden ben ik in Meterik komen wonen bij mijn man. Sindsdien hebben we hier, samen met onze kinderen, een thuis opgebouwd. Ik voel me gelukkig in deze gemeente en heb me als mens en ondernemer naar wens kunnen ontwikkelen. Nooit had ik gedacht hier voor u te staan. Het voelt spannend, maar ik zie het als mijn plicht om mijn stem te laten horen wanneer mijn vrijheid en die van anderen onder druk staat.
Ik spreek niet alleen voor mijzelf, maar voor velen die zich zorgen maken over de ontwikkelingen in onze samenleving vooral met betrekking tot vrijheid en mensenrechten, ook in onze gemeente. Ter illustratie deel ik mijn eigen ervaring.
Ik ben trotse eigenaresse van Zentire – een ontmoetingscentrum voor groei en innovatie, gericht op een betere wereld. Ik hou van mijn bedrijf en mijn werk en van de mensen die er komen om te verbinden, te ontmoeten en elkaar helpen in deze best uitdagende tijden.
Op 27 december verscheen, volledig onverwacht, bijna op de voorpagina van De Limburger, een artikel, waar Zentire werd neergezet als een centrum voor laster, en werden mijn collega’s en hun werk belachelijk gemaakt. Drie keer heb ik bezwaar ingediend, de ombudsman geraadpleegd – tevergeefs. Het werd me pijnlijk duidelijk dat ik geen kans zou krijgen om recht te zetten wat er over mij werd geschreven. En ik begon ik me af te vragen: leven we wel echt in een rechtsstaat?
En toch bleef ik kalm, totdat op 13 januari de politie onaangekondigd mijn centrum binnenviel. Zonder afspraak, zonder waarschuwing, stond er opeens een agent voor mijn neus – op zoek naar mij. Op dat moment was ik met een groep mensen therapeutisch aan het werk, in een setting waarin veiligheid en privacy essentieel zijn. Toen ik vroeg wat er aan de hand was, kreeg ik als antwoord dat ze ‘mijn werkwijze moesten checken’ omdat ik ‘een gevaar voor de samenleving zou kunnen vormen’. Sorry, wat?!
Gelukkig bleek de wijkagent een mens met het hart op de goede plek. Na een lang en open gesprek gaf hij/ zij ( tegenwoordig moet je ook hier opletten met wat je zegt ) mij het advies: “Laat maar, vergeet maar dat ik hier ben geweest.” Maar helaas, dat is mij niet gelukt.
Oh, en voordat ik het vergeet – u hoort waarschijnlijk aan mijn accent dat ik niet van hier ben. Ik ben geboren en getogen in Duitsland, en niet net over de grens, maar in het oostelijke deel, het deel van Duitsland wat 35 jaar geleden nog DDR wordt genoemd. Net als hier, voelde ik me in mijn jeugd daar gelukkig en tevreden. Je leeft je leven en neemt de dagen zoals ze komen. Totdat de Muur viel.
Toen kwamen dingen aan het licht die ik in eerste instantie niet wilde geloven. Ik herinner me nog hoe de rillingen over mijn rug liepen toen de misstanden van mijn vaderland onthuld werden.
Ernstige misstanden, met name op het gebied van vrijheid, mensenrechten en staatscontrole. Ik hoor me nog roepen zoals de dag van vandaag: “Dit kan niet! Zoiets gebeurt niet in mijn land! Jullie liegen! Ik kon het niet geloven. Typisch teken van cognitieve dissonantie weet ik nu! Maar toen, toen heb ik het echt niet geweten. En ik ga het zeker niet vergeten!
En dát is precies waarom ik hier sta, voor vele, vele mensen.
Wij willen niet leven in een samenleving waar echte menselijke ontwikkeling niet wenselijk is, waar angst, verdeeldheid en ongelijkwaardigheid regeren. Waar autoritair gedrag de menselijkheid overschaduwt. Nee, wij hebben een keuze!
Wat ons betreft is het hoog tijd dat er weer een muur gaat vallen. Niet een muur van beton en steen, maar de muur rondom onze harten, een muur die zorgt voor afstand tussen de mensen, voor wantrouwen en onbegrip.
En daarom roep ik u op om samen met ons in gesprek te gaan over hoe we als gemeente een klimaat van openheid, respect en werkelijke vrijheid kunnen waarborgen.
Laten we samen een gemeenschap bouwen waar echte betrokkenheid van mens tot mens ons verbindt in plaats van verdeelt. Samenwerking ipv controle. Communicatie vanuit liefde en passie voor mens en natuur ipv afstand en regelgeving.
Laten we bouwen aan een sterke gemeenschap, waarin iedereen zich gehoord en gezien weet.
Ik zou nog zo veel meer willen vertellen maar helaas, ik heb maar 5 min. spreektijd en deze zijn nu om, regels zijn regels!
Dus bij deze nogmaals bedankt voor uw luisterend oor! En ik hoop, nee ik vertrouw op grote en mooie verandering! Want wij zijn al met zo velen!
Dank u wel.”
