Naar de inhoud

Maatschappelijk

Het Global Redesign Initiative 2010 – behandelprotocol continue palliatieve sedatie voor nationale democratieën

Bijgewerkt: 20 februari 2022

Door mr. Hanno Wisse

  1.  Inleiding

Sommige leden van de Tweede Kamer bezwoeren onlangs nog bij hoog en bij laag dat de Nederlandse Tweede Kamer nooit zou toestaan dat er ooit een social credit system zou worden ingevoerd. Het ging om Gert-Jan Segers en Lisa Westerveld. 1 Twijfelachtig is wie zij hiervoor in stelling zouden brengen als de nood onverwachts aan de man zou komen, maar hun geloof in de kracht van de democratie is desalniettemin vertederend.

De nationale democratie staat er in werkelijkheid echter niet echt florissant bij. Dat is nou precies waarover het in dit artikel gaat. In het bijzonder over een plan uit 2010 van het World Economic Forum dat, kort gezegd, het Global Redesign Initiative heet. Dit is de voorloper van de Great Reset, die meer recent, in de zomer van 2020 werd aangekondigd. Wat heeft het Global Redesign Initiative voor de nationale democratie in petto? Daarover straks meer. 

Eerst een illustratie van het feit dat de nationale democratie tegenwoordig een veel minder dikke vinger in de pap heeft dan waar veel mensen, inclusief parlementariërs, in hun optimisme van dagdromen. Daarna een paragraaf over wat er daarmee op het spel staat. Vervolgens komt het Global Redesign Initiative zelf aan de orde. Het artikel eindigt met de vaststelling dat met een gezond gevoel van nationaal democratische eigenwaarde maar beter niet kan worden gemarchandeerd. 

  1. De nationale democratie steeds meer als fata morgana

Zo zijn de beide Tweede Kamerleden er vast niet van op de hoogte dat wanneer een social credit system in Nederland zou worden ingevoerd, dat waarschijnlijk in eerste instantie niet via de overheid, maar via de financiële markten zal worden geoperationaliseerd. Via een fenomeen dat Impact Finance2  heet en volgens ESG criteria verloopt. Evenals via invoering door centrale banken van Central Bank Digital Currency (CBDC), wat een vorm van programmable money oftewel voorwaardelijke geldverstrekking is, waarbij het aan diezelfde centrale banken is om eenzijdig de voorwaarden te bepalen. 3

ESG staat voor Environmental, Social en Governance doelen. 4 Dit zijn politieke criteria die via een performance meting worden gehandhaafd. Environmental duidt hier op een zero carbon policy; Social op een flink portie wokeness en Governance, bijvoorbeeld op het via multistakeholdership vertegenwoordigd zijn van private partijen in het politieke besluitvormingsproces. Criteria waartoe niet democratisch wordt besloten, maar die via gelieerde instituten uiteindelijk door de financiële machtscentra van onze wereld worden vastgesteld. Politiek correcte criteria uiteraard. 

Even een paar ferme krijtlijnen voor de broodnodige verheldering. Het is van tweeën één. Ofwel burgers zorgen democratisch met elkaar voor een land dat politiek-economisch zodanig is ingericht, dat impulsen worden gestimuleerd die in het algemeen belang zijn, namelijk dat eerlijk werk meer loont dan geld met geld verdienen. Ofwel oligarchische krachten richten het land over de hoofden van burgers zodanig in, dat geld met geld verdienen meer loont dan werken. Op het tweede perspectief is de term intensieve menshouderij meer van toepassing dan de term burgerlijke samenleving. De mens is dan nog louter dataprooi. Ethische bezwaren tegen transhumanistische knutselpraktijken hebben in dat perspectief geen enkele betekenis. Mens en machine zijn hier slechts  gebruiksartikelen. Op het genoemde onderscheid kom ik in de volgende paragraaf nog terug.  

De marketingterm voor Impact Finance is Sustainable Decentralised Finance (Sustainable DeFi).5  Dat klinkt beter. Alsof iedereen gezellig zijn duit in het zakje kan doen en kan meehelpen invloed uit te oefenen. Heel inclusief; zowel Kasper en Greetje die na een potje kaarten in het buurthuis in Waterlandkerkje de behaalde winst voor de verandering eens niet onmiddellijk aan de bar in drank willen omzetten, als Jeff Bezos, de eigenaar van Amazon.com, die zijn miljarden tijdens de coronacrisis, geriefelijk op zijn jacht tussen zijn bedienden met een pina colada in de hand, zag verdubbelen.
Dit wekt dan prettig de onterechte suggestie dat zij evenveel in deze kokosmelk te brokkelen zouden hebben.  

Het idee is dat de genoemde criteria aan het einde van een geslaagde investering Impact Tokens 6 opleveren. Social credit, waardoor deuren openen die anders gesloten blijven. 

Verwacht mag worden dat de inmiddels met astronomische coronaschulden overladen overheden – na miljarden te hebben verkwist aan een niet bestaande crisis (lees: vooral aan profijtelijke onderhandse contracten aan vriendjes) – het straks tijd vinden worden om naar klassiek recept met uitgestreken schoolmeestersgezicht weer de broekriem aan te halen. Vanzelfsprekend bij wat er na de economische kaalslag van de weerkerende lockdowns nog rest van de werkende middenklasse. Het excuus zal dan luiden dat de stand van de overheidsfinanciën er plotsklaps weer toe doet. Evenals er na de exorbitante bailout van de banken, ergens na 2008, een willekeurig gekozen omslagpunt volgde, waarbij het begrotingstekort plotsklaps voor lange tijd ineens weer heel precies moest kloppen. 

Het vriendjespolitieke plunderfestijn, waar de chaos van deze vermeende pandemie – evenals de bankencrisis van destijds – al gauw aanleiding toe bood, ook in Nederland, kan natuurlijk niet voor eeuwig blijven duren. Het kan ook moeilijk het hele jaar door carnaval zijn. Ergens moet er een balans zijn. Iemand moet de rekening betalen. Zoveel is duidelijk. Traditiegetrouw is dat de werkende middenklasse, zoals dat in een door oligarchische krachten gedomineerde façadedemocratie nu eenmaal is voorbestemd. 

Het is namelijk precies deze werkende middenklasse die over de capaciteiten beschikt om een echte democratie te realiseren en te stabiliseren. Dus die moet kleingehouden worden. Kunstmatig gecreëerde logistieke problemen die prijsopdrijving van goederen en dus inflatie veroorzaken, lijken datzelfde doel te beogen.  

De braakliggende vlakte die hierdoor en door de onvermijdelijk aankomende slooprondes van bezuinigingen als vanzelf gaat opdoemen, zal dan al gauw Impact Finance aasgieren aantrekken7 , waardoor ESG-criteria ook in de Nederlandse samenleving op brede schaal toepassing krijgen. 

Grote kans dat het Rijk enthousiast volgt zodra ESG-criteria de status van breed gedeelde professionele standaard hebben bereikt. De tijd dat het Rijk van mening was dat wat hij deed fundamenteel verschilde van wat het bedrijfsleven deed, ligt immers ver achter ons. Zeker nu de burger al sinds jaar en dag als klant wordt gezien. De mediacensuur zal ongetwijfeld ijlings volgen met het heilig verklaren van deze criteria. Zodat wat politiek correct heet in beton wordt gegoten. Wie mee wil doen zal dan Impact Tokens moeten vergaren: zonder Tokens geen taken. Tussen twee haakjes: politiek correct komt natuurlijk neer op oligarchisch kloppend (ok). 

Dit alles zou zich zomaar kunnen voordoen zonder dat Tweede Kamerleden, laat staan Gert-Jan Segers en Lisa Westerveld überhaupt om hun mening, worden gevraagd. Best ontnuchterend. 

Om nog maar niet te spreken van de buitengewoon kostbare doorvoering van de Sustainable Development Goals (SDG’s) van Agenda 2030 die aanstaande is, misschien nog wel de grootste financiële olifant in de kamer. Impact Investing lijkt vooral in het leven geroepen om deze omwenteling te financieren.8  

Het liefst wil de Godfather van Impact Investing, de schatrijke Britse durfinvesteerder sir Ronald Cohen, echter dat overheden, waarvan de meeste door corona op zwart zaad zijn komen te zitten, ongeclaimde financiële tegoeden die uitstaan bij pensioenfondsen, banken en verzekeraars gaan overbrengen naar een slush fund, zodat de SDG’s van daaruit via de de ESG-criteria kunnen worden gerealiseerd. 9 Ongetwijfeld in ruil voor een gedegen overheidsgarantie. Geheel volgens het sinds de financiële crisis van 2008 klassiek geworden principe dat de winst wordt geprivatiseerd en de verliezen voor  de burger zijn. Met eigen geld moet je als miljardair natuurlijk vooral geen risico willen lopen.

Verder is het de bedoeling dat de Impact Investment Bonds (IIB), waarmee de Impact Investment wordt verricht, met ongelijke opbrengstzekerheid, handig worden versleuteld tot securities, oftewel Collateral Debt Obligations (CDO’s). Het idee is dan dat de betere IBB’s de slechtere in hetzelfde mandje uitmiddelen. Op waardestijgingen en dalingen van CDO’s zal dan het vast ook weer profijtelijk speculeren zijn op de beurs. Precies zoals in de vooravond van 2008 volop gebeurde en waar de financiële crisis van 2008 aan te danken was. Toen kwamen banken in problemen omdat niemand meer wist wat nu nog de werkelijke waarde was van CDO’s, terwijl deze aan de kredietzijde op de balans van banken stonden genoteerd om mede de eigen vermogenssituatie weer te geven. Dat laatste is uiteraard nog steeds het geval, evenals dat de handel in CDO’s als nooit tevoren bloeit. 

Om zo’n slush fund te realiseren is dan weer wel actieve medewerking van overheden nodig. Maar is dat ook het geval voor het parlement? Niet per se als dit slush fund door de EU wordt geregeld.     

  1. Adam Smith, Milton Friedman, oude en nieuwe feodaliteit

De nationale democratie lijkt er zo steeds minder toe te doen. 

Deze tendens is niet nieuw. Het begon eigenlijk al eind jaren zeventig. Toen het neoliberale tijdperk aanving. Overheden werden beschimpt. Ze zouden niet over de flitsende snelheid, superieure efficiëntie en door competitie gelouterde kwaliteiten van het bedrijfsleven beschikken. Bezuiniging, deregulering en privatisering, luidde daarom het devies. Obese mensen zet je immers ook op dieet. Deze doctrine is precies wat de Washington Consensus behelst die het IMF, de Wereldbank en het Amerikaanse ministerie van financiën (een politiek economische drie-eenheid) nog altijd over de hele wereld trachten te verkondigen en af te dwingen. 

Natuurlijk, overheden zijn, evenals grote bureaucratische bedrijven, niet altijd even efficiënt, en met de verzorgingsstaat is het mogelijk inderdaad wel wat uit de hand gelopen. Maar dat is niet het belangrijkste wat hier op de korrel wordt genomen. Het belangrijkste is dat nationale democratieën hier al rijp werden gemaakt voor wat Klaus Schwab in 2010 in zijn document Global Redesign: Strengthening International Cooperation in a More Interdependent World10 het idee van multistakeholdership noemde. Daarover in de volgende paragraaf meer.   

Internationale organisaties, zoals de WHO, waarvan, tot dan toe, alleen landen lid waren, veranderden vanaf begin jaren tachtig in public-private partnerships. Dat wil zeggen dat private financiers mee gingen doen. Niet alleen meebetalen, maar ook meebepalen dus. Ook vaccinproducenten. En dat gaf natuurlijk belangenconflicten. Het behoeft dan ook niet te verbazen dat belangenverstrengeling sinds deze tijd al gauw zo gewoon is geworden dat wie daarover nog kritische vragen opwerpt vaak op meewarige blikken kan rekenen. Joh, maar dat is toch overal het geval, zo klinkt het dan al gauw meesmuilend. Dat is toch zeker niet te vermijden?

Centraal in het neoliberale gedachtegoed staat het idee van de vrije markt. Milton Friendman geldt als de tv-dominee van deze blijde boodschap en zijn Capitalism and Freedom als Heilige Schrift onder volgelingen. Als we alles vrij zouden laten, dan zou alles helemaal als vanzelf op z’n pootjes terechtkomen. En nog perfect ook. De onzichtbare hand zou dat klusje wel eventjes opknappen. 

Verwarde hoogleraren economie willen nog wel eens verkondigen dat Milton Friedman hetzelfde idee van vrije markt zou hebben voorgestaan als de voorvader van de moderne economie Adam Smith in zijn boek de Wealth of Nations. Niets is echter minder waar.  

In de tijd van Adam Smith, de achttiende eeuw, kwam de burgerij in de steden op en wilde deze de economische vleugels uitslaan. De feodale macht was tanende, hoewel de adel nog altijd wel de meeste grond en de grootste vermogens bezat. Adam Smith wilde daarom een economische filosofie ontwikkelen met een emancipatoire doelstelling. Hij wilde het momentum gebruiken om de burgerij van zijn tijd meer economisch perspectief bieden. Daarvoor was het belangrijk dat de monopolies en kartels van de adel aan de kaak gesteld zouden worden. Want die hielden de economie voor nieuwe deelnemers met economische ambities die verder gingen dan normaal, afgesloten. 

De klassieke economen, waarvan Adam Smith er een was, maakten daarbij onderscheid tussen verdiend en onverdiend inkomen. Verdiend inkomen was inkomen uit werk. Werk dat liefst tegelijk een zinvolle bijdrage vormde aan de maatschappij. Zo konden baan en burgerschap ineenschuiven. Heel anders dan bij het uitgestrekte moeras aan bullshit jobs waar thans in veel Europese landen de meeste vacatures voor uitstaan. 

Onverdiend inkomen was bijvoorbeeld inkomen uit eigendom van land of inkomsten uit speculatie. Een goed functionerende economie moest, naar het inzicht van de klassieke economen, verdiend inkomen stimuleren, onverdiend inkomen door het heffen van belastingen afromen en monopolies en kartels tegengaan. Arbeid belasten, wat thans de normaalste zaak van de wereld is, achtten zij een doodzonde.

De neoklassieke econoom Milton Friedman stelt echter, op zijn beurt, een heel andere invulling van het begrip vrije markt voor. Sowieso gaat hij uit van een inkomensbegrip dat vrijwel geen rekening houdt met de wijze van verkrijging. Inkomen is bij hem feitelijk gewoon inkomen. Verder heeft de wijze waarop Milton Friedman de vrije markt aan zichzelf overlaat in de toch wat religieus aandoende overtuiging dat dit leidt tot het perfecte marktevenwicht tot gevolg, dat precies die kartels en monopolies zich kunnen vestigen en consolideren die Adam Smith nu juist weg wilde hebben. 

Legt Adam Smith het begrip vrije markt uit als vrij van kartels en monopolies; Milton Friedman ziet het begrip vrije markt vooral als vrij van staatsingrijpen. Met andere woorden: hier tekent zich af wat de magie van de onzichtbare hand in praktijk bij Milton Friedman betekent. Het komt erop neer dat op verkapte wijze juist het omgekeerde wordt gerealiseerd van wat van Adam Smith beoogde, namelijk vernauwing van de toegang tot de markt alsmede de vestiging en bestendiging van een nieuwe feodaliteit en een steeds grotere massa aan horigen. 

Het primaire doel van de Washington-consensus komt feitelijk op hetzelfde neer. Economisch imperialisme zogezegd. 

Het begrip vrije markt is bij Milton Friedman dus niet veel meer dan window dressing. 

Uiteraard betekent dat niet, dat sinds de jaren tachtig de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) is opgedoekt. Deze is weliswaar sinds 2013 opgegaan in de Nederlandse Autoriteit Consument en Markt (ACM), maar handhaving van eerlijke mededinging vormt nog steeds een van de doelstellingen. Dat neemt echter niet weg dat bij een dergelijke instelling beleid wordt gevoerd met betrekking tot de uitvoering van deze doelstelling. 

Het is in dat opzicht bijvoorbeeld opmerkelijk dat in 2018 de voormalige bestuursvoorzitter van De Brauw Blackstone en Westbroek, een kantoor met een aanzienlijke corporate practice, aantrad als voorzitter, waarbij er ongetwijfeld sprake zal zijn van een curieuze overlap in zijn netwerk. Dat vinden we in Nederland reuze normaal. 

Ook laat deze voorzitter na zijn aantreden in 2019 in een interview in het NRC in verband met digitale ontwikkeling optekenen: “Daar komt bij dat wij de scheidsrechter zijn die de spelregels moet handhaven. Als die scheidsrechter te vroeg fluit, maakt hij het spel dood. In een ontwikkelende markt moet je voorzichtig opereren, je moet niet te snel aan de bel trekken. We zijn wat voorzichtig, maar dat is ook om het spel niet kapot te maken.”11 Het behoeft nauwelijks toelichting dat de door Big Tech in gang gezette digitalisering echter een van de belangrijkste ingangen vormt tot verwezenlijking van deze nieuwe feodaliteit. 

Terug naar internationale organisaties. Hoe is het daar met de miraculeuze werking van de onzichtbare hand? 

Wel, te verwachten is dat de corporate borstklopperij over snelheid, efficiëntie en door competitie gelouterde kwaliteiten, waarbij bureaucratische, papierschuivende en koffieleutende overheden maar bleekjes afsteken, tot gevolg had dat deze private financiers destijds als de verlosser werden binnengehaald. Dat was de eerste belangrijke propagandatroefkaart. 

De tweede was het benadrukken en uitspelen van het verschil tussen expert en leek. De technocratische troefkaart. Ofwel belangen die zich louter als wetenschap of kunde verkleden. Daardoor konden private financiers gemakkelijk overwicht verwerven op hoge ambtenaren en politici die vanouds dit soort internationale organen bemensten. 

Tevens  heeft de inzet van beide troefkaarten  ertoe geleid dat de belangrijkste klussen bij de overheid, door de welbewust toegebrachte deuk in het overheidszelfbeeld, voortaan standaard aan grote duurbetaalde consultancybureaus worden uitbesteed. Die kunnen dan gelijk in eigen belang handig helpen meesturen aan de vorming van regeringsbeleid.  

Beide troefkaarten zijn tot de dag van vandaag volop in gebruik. 

  1. Het Global Redesign Initiative

In 2010 vond Klaus Schwab, ondanks zijn toen al hoge leeftijd, dat het allemaal nog niet genoeg was. Er zou behoefte bestaan aan nieuwe dynamiek en een versnelling van het proces waarbij oligarchische machtsconcentraties de wereld ten koste van democratieën naar hun hand zetten. De wereldwijde machtspiramide moest blijkbaar nog wat strakker worden uitgelijnd. Dat heeft geleid tot een summit van het World Economic Forum (WEF) over multistakeholdership en een white paper, namelijk Global Redesign: Strengthening International Cooperation in a More Interdependent World (hierna: het rapport).12

Feitelijk is het Global Redesign Initiative uit 2010 de voorloper van de Great Reset die in de zomer van 2020 door de profeet Klaus Schwab in het steenkolenengels wat de zakenwereld doorgaans zo kenmerkt werd aangekondigd. 

Het belangrijkste idee dat Klaus Schwab in 2010 voor het voetlicht brengt, is, als gezegd, multistakeholdership. Opmerkelijk is met welk marketingverhaal Klaas Schwab, twee jaar nadat de economische crisis van 2008 uitbraak, zijn concept aan de man brengt. Wat Klaus Schwab doet is feitelijk shareholders verwijten dat zij alleen maar druk in de weer waren met het egoïstisch alloceren van flitskapitaal naar de plekken die de hoogste koerswinsten en dividenden leken op te leveren. Leverde dat te weinig op, dan maakten zij zich weer gauw uit de voeten. Daarbij zouden ze onvoldoende commitment tonen. Daarom was het in 2008 natuurlijk hopeloos misgegaan. Nee, dat zou helemaal anders moeten. Zijn nieuwe model van stakeholdership zou dat garanderen. Dat model zou stimuleren om niet zomaar ergens in te investeren, maar er ook verantwoordelijkheid voor te nemen. 

Waar doelt Klaus Schwab hier in werkelijkheid op? Wel, hij bedoelt er eenvoudig mee dat private financiers veel meer politieke zeggenschap moeten krijgen in domeinen waar tot dan toe nationale democratieën over gingen. Dat is waar het adjectief multi in werkelijkheid op duidt. Zo speelt hij een handig spel met de context om mensen met de verkeerde geruststellende associaties op te zadelen. Het is immers belangrijk dat de meeste mensen een goed gevoel bij multistakeholdership krijgen. Dat scheelt lastige vragen. 

Het is interessant om te zien hoe Klaus multistakeholdership meer specifiek voor zich ziet. Veelzeggende zinnen daarover zijn te vinden onder het kopje A new Stakeholder Paradigm of International Governance op p. 9 van het rapport. 

Helder is dat Klaus Schwab niet alleen vindt dat de internationale institutionele architectuur toe is aan herziening. Ook een heus waardenoffensief (lees: een onvervalste propagandacampagne) zou nodig zijn waarbij de human interconnectedness en human interdependency voorop moeten staan. Op die geest voortbordurend, stelt Klaus Schwab dat instituties die een belangrijke rol in internationaal opzicht vervullen onder hun leiders maar beter het besef cultiveren dat het behalen van hun targets onder bepalende invloed staat van wat er speelt in andere sectoren binnen het internationale systeem. Ze doen er dus goed aan om zich niet te veel politieke verbeelding in hun hoofd te halen. 

Toekomstige leiders op het gebied van de politiek, business, universiteit, religie, media en andere sociale instituties dienen door universiteiten, raden van directeuren en human resource afdelingen onder andere op deze geest van international stewardship  te worden uitgekozen. Hun gedrag moet ook regelmatig worden doorgemeten en geëvalueerd. Zo blijft de beloftevolle kudde netjes op koers. 

Het belangrijkste is echter dat Klaus Schwab hier pleit voor opname van, wat hij noemt, “(…) non-state actors (…)”, private partijen dus, in het politieke besluitvormingsproces. Letterlijk bepleit hij een “(…) corresponding sense of ownership (…)” voor hen als deel van het statelijke deel van het internationale systeem. Dat zou immers dringend toe zijn om te worden aangepast aan de eisen van een wereld die tegenwoordig meer complex en bottom-up georganiseerd zou zijn dan vroeger.  

Om de vraag of dit de vereiste democratische legitimatie niet ondermijnt, maakt Klaus Schwab zich opvallend weinig zorgen. 

Op pagina 7 van het rapport onderscheidt hij vijf kernstappen die nodig zijn voor zijn Global Redesign Initiative. 

1. Het herdefiniëren van het internationale systeem als grondlegging voor een ruimer, meer facetten omvattend systeem van globale samenwerking, waarin verdragsrechtelijke regels en instituties de kern vormen, maar niet de enige en soms niet de meest cruciale component voorstellen.   

Hier is Klaus Schwab in ieder geval eerlijk. Indien nodig kan er dus best een loopje worden genomen met verdragsrechtelijke regels en internationale instituties, zo geeft hij hier met een knipoog toe. Dat is ook wel zo handig wanneer het de bedoeling is dat private belangen zoveel mogelijk de boel overnemen. Zoiets gaat nu eenmaal nooit volgens het juridische boekje. De huidige coronacrisis is daarvan een sprekend voorbeeld.

2. Het versterken van het op staten gebaseerde deel van het systeem op de punten waar de regels en capaciteiten van dat deel niet toereikend zijn, terwijl de geometrie van samenwerking wordt uitgebreid om de bredere beschikbaarheid van niet-statelijke expertise en middelen te benutten.

Opvallend is het woord geometrie hier. Dat is afkomstig uit de wiskunde. Het veronderstelt dus iets wat welbepaald of exact is ingedeeld. Waarschijnlijk de kaart aan instituties en bedrijven die in werkelijkheid onderdeel zijn van de door private belangen gedomineerde machtspiramide en elk daar het hunne aan bijdragen. Het zou natuurlijk vloeken met dit zogenaamd door de voorzienigheid zelve bereide, met geometrische precisie opgestelde goddelijke plan, wanneer een overheid het zomaar in de blote bol zou halen om allerlei taken naar zich toe te trekken om deze naar eigen, nationaal democratisch tot stand gekomen inzicht te verrichten. Nee, een geest van gezeglijkheid is hier het devies. Het is cruciaal om je plaats te kennen in deze pikorde. 

3. Het aanwenden van de verbeterde institutionele geometrie in een pragmatisch resultaatgerichte beweging om vooruitgang op de juiste individuele uitdagingen te boeken. 

Het heilsplan van de verbeterde institutionele geometrie ziet hier uiteraard op de droom die multistakeholdership moet verwezenlijken. Een situatie waarin verdragsrechtelijke regels niet meer zo tellen en er dus door private partijen lekker profijtelijk ten koste van de burger doorgepakt kan worden.

4. Het ondernemen van al even praktische en doelgerichte initiatieven om de legitimiteit, participatie en verantwoording van de staatsgebaseerde kern van het systeem te versterken.

Uiteraard is het wel zo handig dat de overheid zich definieert in dezelfde termen als private partijen dat doen. Als wannabe-bedrijf is de kans heel wat kleiner dat een overheid nog lastige vragen stelt over de legitimiteit van het dubieuze besluitvormingsproces dat multistakeholdership voorstelt. Überhaupt verkeert iets of iemand die zich structureel anders voorwendt dan eigenlijk het geval is, onontkoombaar in een identiteitscrisis. De schuchterheid, verwardheid en bedremmeldheid die dat oplevert biedt dan voor derden een welkome kans op manipulatie en uitbuiting. 

Legitimiteit wordt daarbij voortaan maar beter niet op een gedegen juridische maar op een lossere, pragmatisch-zakelijke manier geïnterpreteerd, als het aan Klaus Schwab ligt. De staat heeft een legitieme plek in de geometrie van de samenwerking als dit het geld verdienen door en de belangen van de betrokken private partijen aangenaam bevordert. Niet te moeilijk doen hier luidt dus het devies. 

5. Uitbreiding van de internationale samenwerking door een verschuiving in waarden te cultiveren binnen samenlevingen en professies, gegrond in een diepere waardering van de implicaties van global interdependency, die de voorwaarde vormt voor het verwezenlijken van doelen.

Belangrijk is om individuen met te veel durf en politieke ideeën al vroeg aan banden te leggen. Zij moeten leren dat zij een relatief onbetekenend radertje in een veelomvattend, overweldigend systeem zijn. Een geest van horigheid en onderworpenheid past daarbij. Verder is het van belang om bepaalde politieke thema’s die normaal in een nationale democratie aan bod komen via initiatieven om Global Agendas op te stellen te outsourcen. Daar kan je daarna in je eentje wel van alles van vinden, maar dat heeft weinig zin. Plus: de wereld is gewoon veel te ingewikkeld geworden om al die thema’s in nationaal democratisch verband te bespreken. Dan kom je als politicus ook niet meer goed aan je feesten en partijen toe.  

  1. Coup d’états

Een onuitputtelijke waterval aan thema’s is door de bedilzieke WEF-octopus uitverkozen om door multistakeholders in evenzovele toonaangevende Global Agendas  te worden omgezet. Daarbij zijn Gobal Agenda Councils, Industry partners en Young Global Leader Taskforces betrokken. Zo worden nationale democratieën onmiskenbaar geïnfantiliseerd en gedepolitiseerd.

Het voert te ver om deze Global Agendas te bespreken. Het zijn er welgeteld achtenvijftig. Misschien is het echte aantal inmiddels al wel een veelvoud daarvan, want het is nu twaalf jaar later.13  

De internationaliseringspropaganda oftewel het breed uitwaaierende rookscherm aan WEF- octopusinkt komt feitelijk neer op een Umwertung aller Werte. Helder is dat dit door het WEF voorgestane waardenoffensief en de lancering van deze Global Agendas elkaar nodig hebben. De depolitiseringagenda kan natuurlijk niet zonder de infantiliseringscampagne. Anders kan de opzet niet slagen. Deze Global Agendas dienen op nationaal democratisch niveau immers nog slechts te worden geïmplementeerd, zo is de overduidelijke suggestie die van het Global Redesign Initiative uitgaat. Juridisch bindende contracten zijn daar in beginsel niet eens voor nodig. 

Een breed segment aan ontzielde, plichtmatig acterende vleesrobots, niet alleen in de politiek, maar ook in tal van sectoren daarbuiten, lijkt zo al sinds meer dan tien jaar op grote schaal te zijn gedresseerd  om als jonge leiderschapsbelofte nog slechts apathisch te kunnen applaudisseren voor wat het WEF aan chronische betutteling weet bijeen te orakelen.14 Waarschijnlijk uit denkluiheid, de hoop op een rianter baantje, plezierige douceurtjes of andere aanhalige gunsten. Een ware plandemie van ruggengraatverweking.  

Gedurende de coronacrisis zagen we dezelfde aangeleerde hulpeloosheid op deerniswekkende wijze terug bij presidenten, premiers en ministers van volksgezondheid van diverse landen die allen als gedweeë praatautomaten gehoorzaam flatten the (intelligence) curve, de prik is puik en Build Back Better uitkraamden. 

Waar klappen deze uitgebluste geesten nu eigenlijk voor? Voor niets anders dan wat normaal systemische corruptie zou heten, maar door het Global Redesign Initiative is geïnstitutionaliseerd. Op wereldwijde schaal welteverstaan. Het onmiskenbare verantwoordingstekort en de overname van democratische besluitvorming door private belangen via multistakeholdership laten zich echter niet verhullen. Het Global Redesign Initiative betreft eenvoudigweg het script van een geraffineerde wereldwijde coup d’états. 

Eentje die dreigt uit te lopen op de vorming en versterking van een nieuwe feodaliteit met als kennelijke doel om de machtspiramide efficiënter naar beneden toe uit te lijnen. De burger verwordt zo steeds meer tot een horige, waarvoor een carrière pas in het verschiet lijkt te liggen bij herhaaldelijk bewezen loyaliteit of beter gezegd: serviliteit. Ondertussen krimpt zo het economische spectrum aan mogelijkheden voor de burger steeds verder ineen. 

Merk hierbij ook op dat het WEF in 2019 een strategic partnership met de VN, waar de WHO vanouds onderdeel van uitmaakt, heeft gesloten voor de uitvoering van de SDG’s voor zes focusgebieden, waaronder gezondheid: “Collaborations between UN and the Forum will focus on addressing key emerging global health threats, including antimicrobial resistance, mental health and other issues that demand stronger multistakeholder partnerships and action.”15  Helder is dat dit prettig faciliterend uitpakt voor de thans even aan invloed winnende als totalitaire one-health benadering. 16 Als private belangen het overnemen, dan is het immers wel zo prettig dat alle neuzen dezelfde richting op worden gezet zodat aan die belangen ruim baan kan worden verleend. Een voorgewende wetenschappelijke consensus moet dit dan naar het bredere publiek toe afdekken.

Het Global Redesign Initiative maakt dus korte metten met nationale democratieën door ze eenvoudigweg tot uitvoerende secretariaten van de Global Agendas van het WEF te degraderen. Tot geduldige, gulzig propagandagras grazende melkkoeien die dienen voor privaat gewin van toonaangevende belangen in goede tijden en tot goedige, zich in de modder van het werkende bestaan wentelende spaarvarkens die in slechte tijden kunnen worden stukgeslagen om daarop de verliezen te verhalen. Een oud recept. Zo is het de burger die in de citroenpers belandt. Door het aanvankelijke zoet van het zorgvuldig aangebrachte propagandapoedersuikerlaagje heen zal de zure smaak daarvan zich al snel en onmiskenbaar opdringen. Althans voor hen die nog over voldoende nationaal democratische eigenwaarde beschikken om dit openlijk te onderkennen. 

Vele anderen zullen zich laten aanpraten dat ooit ergens na het zuur het zoet komt. Of zelfs dat we het zuur voortaan maar gewoon het zoet dienen te noemen. Evenals het de burger tegenwoordig officieel verboden is om nog langer zijn eigen ogen te geloven wanneer hij op video een paar Nederlandse politiebeulen met de wapenstok voor langere tijd geestdriftig en met lange uithalen de schedel van een weerloos op de grond liggende coronademonstrant ziet bewerken.   

Bronvermeldingen

1. Zie daarvoor 6:24-7:37: https://www.youtube.com/watch?v=NKlyJOLcPGM

2. Zie voor Impact Finance deze white paper: https://www.ixo.world/white-paper

3. Zie daarvoor: Programmed money the future? What do you think? Is it on the cards? (find-it.co.za) en beluister general manager Augustín Carstens van de Bank of International Settlements (BIS), de bank der centrale banken, hierover: https://www.youtube.com/watch?v=rpNnTuK5JJU 

4. Zie daarvoor: https://www.openriskmanual.org/wiki/ESG_Criteria

5. Zie hiervoor de eerste alinea van deze white paper: https://www.ixo.world/white-paper

6. Zie paragraaf 3 van deze white paper: https://www.ixo.world/white-pape

7. Beluister daarvoor dit verkooppraatje over Impact Finance door sir Ronald Cohen:  https://www.youtube.com/watch?v=iD7zQgU9EW0&t=124s

8. Zie bijvoorbeeld dit programma van de Verenigde Naties (VN): https://sdgimpact.undp.org/

9. Zie daarvoor pagina 27 onder punt 5 onder Recommendations van het white paper uit 2015, geschreven onder het voorzitterschap van sir Ronald Cohen, Impact finance, the invisible heart of markets: https://www2.deloitte.com/content/dam/Deloitte/fr/Documents/sustainability-services/gx-ps-impact-investment-report.pdf alsmede paragraaf 7 alinea 12-15 van het volgende artikel: https://winteroak.org.uk/2021/01/27/ronald-cohen-impact-capitalism-and-the-great-reset/

10. Zie hiervoor: https://www3.weforum.org/docs/WEF_GRI_EverybodysBusiness_Report_2010.pdf

11. Zie daarvoor: https://www.nrc.nl/nieuws/2019/01/18/eerst-had-ik-een-handvol-clienten-nu-heb-ik-er-17-miljoen-a3650907 of
https://books.google.fr/books?id=mO6yDwAAQBAJ&pg=PT92&lpg=PT92&dq=martijn+snoep+te+vroeg+fluit&source=bl&ots=wZx7c1O0ai&sig=ACfU3U0J21ccRr6jMHAT_uzD5nDlVJgDog&hl=nl&sa=X&ved=2ahUKEwidmbbGofX1AhWE3oUKHUlKAZ0Q6AF6BAg5EAM#v=onepage&q=martijn%20snoep%20te%20vroeg%20fluit&f=false

12. Zie hiervoor: https://www3.weforum.org/docs/WEF_GRI_EverybodysBusiness_Report_2010.pdf

13. Zie de inhoudsopgave van het rapport, waar ze op een rij staan, op p. 3 en 4.

14. Zie hiervoor ook:https://www.youtube.com/watch?v=PbVD4tB4cVQ

15. Zie hiervoor onder punt 3 van het full partnership framework: https://www.weforum.org/press/2019/06/world-economic-forum-and-un-sign-strategic-partnership-framework

16. Zie bijvoorbeeld: https://www.who.int/news-room/questions-and-answers/item/one-health